Potjestraining

Potjestraining bij onze dochter verliep moeizaam en bracht veel onzekerheid met zich mee, vooral rond zindelijkheid voor de schoolstart. Na een zomer vol oefenen lukte pipi goed, maar kaka blijft een uitdaging, zeker buitenshuis en sinds de overstap naar optrekbroekjes.

STORY

9/29/20252 min read

Potjestraining: een oefening in geduld (voor iedereen)

Onze dochter is twee jaar, en in de crèche starten ze op die leeftijd met potjestraining. Dus wij volgden hun voorbeeld en probeerden het thuis ook toe te passen. Maar dat bleek allesbehalve eenvoudig. Ze ging wel op het potje zitten, maar verder gebeurde er weinig. We merkten al snel: ze was er nog niet helemaal klaar voor.

Haar eerste plasje was eerder beginnersgeluk. Daarna duurde het lang voor er nog iets kwam. Telkens als het lukte, waren we super enthousiast — maar ze gaf zelf niet aan wanneer ze moest. Alles gebeurde nog in de pamper. Ze raadde stoffen plasbroekjes aan. Die waren toen razend populair bij Zeeman, maar helaas uitverkocht. Dan maar besteld via bol.com. Ze zijn oké, maar houden enkel een klein plasje tegen. Bij een groter plasje was alles nog nat.

We kregen ook het advies: leg er geen druk op, want dat werkt averechts. Toch betrapten we onszelf vaak op zinnetjes als “Als je pipi moet doen, moet je naar het potje gaan hé” of “Moet je pipi doen?” Telkens als we dachten dat ze moest, vroegen we het. En dat leidde vermoedelijk tot frustratie bij haar.

Maanden gingen voorbij en ze was nog steeds niet zindelijk. In september zou ze starten op school, en hoewel zindelijkheid niet verplicht is, wordt het wel sterk geapprecieerd. Die druk voelden we — en legden we onbewust ook op haar.

Tijdens de grote vakantie was de crèche twee weken dicht. We besloten haar zoveel mogelijk in haar blote billetjes te laten lopen, met het potje steeds in de buurt. Zo moest ze wel naar het potje gaan, want anders liep het langs haar benen. Dat werkte! Na het verlof kon ze zonder pampertjes gaan. Voor pipi, tenminste.

Kaka was — en is — een ander verhaal. Ze wacht tot ze kan gaan slapen en een pamper aan heeft. De eerste keer dat ze kaka op het potje deed, waren we allemaal zo blij en fier dat ze zelf straalde van trots. Ik dacht: “Yes, we zijn vertrokken.” Maar niets was minder waar. Thuis doet ze het flink op het potje, maar op verplaatsing niet. Ze houdt het op tot ze het niet meer kan, en dan gebeurt het in haar broekje.

De eerste schooldag kwam dichterbij, en nog steeds geen verandering. Pipi ging goed, kaka niet. We polsten bij de juf. Die stelde voor om voor de zekerheid een optrekbroekje aan te doen, zeker in die eerste dagen vol verandering. En toen gebeurde wat we vreesden: ze had heel de dag een broekje aan, en thuis deden we dat uit — met als gevolg dat we een stap teruggezet hebben. Meer accidentjes. Is het door de broekjes? Door de veranderingen? Of een combinatie van alles? Wie zal het zeggen.

We proberen haar nu weer vaker op het potje te laten gaan. Het gaat al beter. Maar kaka doet ze nu helemaal niet meer op het potje. Daar moeten we nog op oefenen.